Het Europees Parlement heeft een besluit aangenomen over de vaststelling van het aantal leden in permanente commissies en subcommissies. Dit besluit werd begin 2024 aangenomen om de efficiëntie van het parlementaire werk te waarborgen. Het besluit is van toepassing op alle 20 permanente commissies en 4 subcommissies, evenals hun besturen.
Het besluit is gebaseerd op de artikelen 212, 218 en 219 van het interne reglement van het parlement, evenals eerdere besluiten over commissiebevoegdheden. Het hoofddoel is het vaststellen van het aantal commissieleden om effectief werk in verschillende beleidsterreinen te waarborgen en een passende vertegenwoordiging van politieke krachten.
Het besluit trad onmiddellijk in werking na aanname begin 2024. De vaststelling van de commissiesamenstelling gebeurt volgens het interne reglement van het parlement en de besluiten van de conferentie van voorzitters. De voorzitter van het parlement zendt kennisgeving over het besluit naar de Raad en de Commissie ter informatie.
Het besluit heeft directe invloed op de organisatie van het parlementaire werk, maar indirecte invloed op EU-burgers, aangezien commissies verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van wetgeving. Grotere commissies kunnen werken aan complexere kwesties, terwijl kleinere zich specialiseren in specifieke gebieden. Dit zorgt voor een effectiever wetgevingsproces in alle beleidsterreinen.